skip to Main Content

Brandweer Zeeland Refinery al bijna een halve eeuw paraat

Al bijna een halve eeuw levert bij Zeeland Refinery een eigen uitgebreide bedrijfsbrandweer een onmisbare bijdrage aan de veiligheid van de raffinaderij en Walcheren. “In Rotterdam hebben raffinaderijen samen met andere bedrijven een gezamenlijk korps, maar in deze uithoek van het land moeten we op zijn Zeeuws gezegd onze broek zelf ophouden”, licht fire and safety officer Evert Kloet bij de raffinaderij in Vlissingen-Oost toe. “Juist vanwege die afgelegen ligging, zijn we als korps heel goed toegerust met mensen en materieel.”

Core business

“Bij een grote calamiteit binnen onze inrichting kunnen we in een landelijke omgeving als deze niet rekenen op bijstand van grote brandweerkorpsen uit de buurt, want die zijn er gewoon niet. Dus moeten we daar eigen mensen en middelen voor hebben klaarstaan,” legt Kloet uit. Al 32 jaar werkzaam bij de bedrijfsbrandweer van Zeeland Refinery, waarvan 14 jaar als hoofd, vertelt hij trots over wat er allemaal komt kijken bij het voortdurend in staat van paraatheid houden van het korps. “Calamiteiten voorkomen, 24 uur per dag, 7 dagen in de week, dat is onze core business.” De brandweer bestaat sinds de start van de raffinaderij in 1973. Tegenwoordig is Zeeland Refinery een joint venture, die voor 55% eigendom is van Total en voor 45% van LUKoil.

Bijbel

De overheid schrijft in een aanwijsbeschikking voor waar de bedrijfsbrandweer van de raffinaderij aan moet voldoen. “Daar staat in wat we als brandweer aan mensen en middelen moeten hebben, dus dat is onze bijbel“, verduidelijkt Kloet. Als hoofd bedrijfsbrandweer stuurt hij 15 fulltime brandweerlieden aan, drie man per ploeg, zij werken in een 5-ploegendienst systeem. Met het diploma Bevelvoerder Bedrijfsbrandweer op zak zijn die in dienst bij de raffinaderij en genieten ze dezelfde arbeidsvoorwaarden als productiemedewerkers. Aangevuld met gekwalificeerde medewerkers uit de productie en bewaking telt een minimale uitrukploeg per shift zes man. Bij een groter incident kan Kloet naast zijn eigen mensen een beroep doen op totaal zestig gekwalificeerde medewerkers uit het bedrijf. “Dat zijn in zo’n geval dan de manschappen en mijn eigen mensen fungeren als de bevelvoerders.”

22.500 liter per minuut

“We zijn heel goed geëquipeerd met materieel voor deze taak, natuurlijk ook omdat de kleinere korpsen in de omgeving niet over de middelen beschikken die nodig zijn voor het blussen van een grote brand hier op het terrein.” Zo beschikt Kloet over twee uit de kluiten gewassen schuimblusvoertuigen, met elk een bluscapaciteit van tienduizend liter per minuut. Een ervan is bovendien voorzien van een 25 meter lange telescopische arm met ‘bluskanon’, voor het blussen van installaties op grote hoogte. Voor het bestrijden van tank- en tankputbranden brengt het korps nog zwaarder geschut in stelling: “Daarvoor beschikken we over bluscontainers. Zo’n container, vervoerd per haakarm-truck, heeft een bluscapaciteit van 22.500 liter per minuut.”

Onder de knie

Grote calamiteiten, waarbij een crisisteam van Veiligheidsregio Zeeland de coördinatie overneemt, komen gelukkig maar heel weinig voor op de raffinaderij, meldt Kloet voldaan. Voor de laatste grote brand moet hij diep in zijn geheugen graven, tot 25 jaar terug in de tijd. “Kleinere incidenten doen zich wat vaker voor, maar die kunnen we dan met een eigen uitrukploeg aan. Zo kregen we een kleine flensbrand in augustus ook snel zelf onder de knie.” Omdat zijn korps over zulk modern materieel beschikt, gebeurt het ook dat de hulp van Kloet en zijn mannen wordt ingeroepen bij een brand elders in de regio. “We zijn er natuurlijk primair voor de raffinaderij, maar soms doet Veiligheidsregio Zeeland een beroep op ons om te assisteren bij een calamiteit in de omgeving, zoals vorig jaar bij overslagbedrijf Kloosterboer.” Voor een regio als Zeeland is industrie als deze raffinaderij een belangrijke voorziening, zo blijkt uit dit voorbeeld. Dat strekt verder dan werkgelegenheid.

Dertig oefeningen per jaar

De permanente staat van paraatheid van de bedrijfsbrandweer vergt van het korps ook veel voor wat betreft training van mensen. En ook op het gebied van onderhoud van materieel en van brandblussystemen die in installaties en bij opslagtanks zijn ingebouwd, zoals fire monitors, sprinklers en automatische schuimblusinstallaties. Kloet legt uit dat zijn eigen vijftien brandweermannen regelmatig intern worden bijgespijkerd voor wat betreft bevelvoering bij een incident. Per ploeg oefenen ze samen met de gekwalificeerde medewerkers. “De raffinaderij telt drie afdelingen die elk twee keer per jaar een oefening moeten houden. Met vijf shifts zijn dat dus dertig oefeningen per jaar.”  Bovendien traint ieder firecrew-lid jaarlijks drie dagen intern en een dag buiten de deur bij een brandweer-opleidingscentrum, hetzij in Rotterdam hetzij in Vlissingen.

Zoutwatersysteem

Dat zijn korps niet voor één gat te vangen is, bewijst Kloet ook als hij aan het slot van zijn uitleg meldt dat hij nog een ‘dingetje’ vergeten is: “Als materieel beschikken we ook over een compleet zoutwatersysteem inclusief dompelpompunits. Dus in geval van een tekort in onze watervoorziening kan ik zelfs nog overschakelen op zoutwater. Het water halen we dan met de dompelpompen uit de Westerschelde en we kunnen dit met een 12”slang 1.300 meter transporteren.”

×Close search
Zoeken