skip to Main Content

Juridisch steekspel om laadpalen aan de snelweg

 

Over elektrisch rijden worden er de afgelopen drie jaar consistent twee boodschappen afgegeven. De eerste is: het aantal verkochte vol-elektrische auto’s neemt jaar na jaar toe. De tweede: Het aantal laadpalen kan het groeitempo van het aantal auto’s in toenemende mate niet bijhouden. ALD automotive gaf eerder dit jaar aan dat er 120 laadpalen per dag nodig zijn om de groei van het aantal elektrische auto’s bij te benen. Het zijn er gemiddeld 23 per dag. In de jaarlijkse Newmotion survey onder 4.500 EV-rijders geeft bijna de helft aan krapte te ervaren. Vorige maand publiceerde Enpulse een onderzoek waaruit bleek dat in een derde van de buurten de laadpalen overbezet zijn.

Werk aan de winkel! Er moeten palen bij en snel. De VNPI-leden willen deze opgave aangaan en hun tankstations uitbreiden met snelladers. Te beginnen met de plaats die voor de meeste automobilisten het best bereikbaar is, de tankstations aan de snelweg; beter bekend als verzorgingsplaatsen. Met veel snellaadpalen op de verzorgingsplaatsen kan een inhaalslag worden gemaakt richting het dreigende tekort. Aan één paal kunnen veel meer auto’s opladen dan aan één langzaamlader in de straat. Snelladen is een turbo op de groei van laadinfrastructuur en met voldoende palen kan een robuuste infrastructuur voor verdere groei voor het elektrische rijden worden verzekerd.

Alleen worden deze leden nu via juridische procedures belemmerd. Dat is niet nieuw: De aandachtige volger van het EV-nieuws zal opgemerkt hebben dat Fastned wel vaker een rechtszaak is gestart. Om precies te zijn: Fastned start rechtszaken tegen de overheid zodra een huurder van een verzorgingsplaats een vergunning krijgt om een laadpaal te bouwen. Bij iedere vergunning opnieuw. Dat is overigens hun goed recht en hoort te kunnen in een rechtsstaat, maar in deze rechtszaken is  Fastned niet altijd succesvol geweest. Een aantal palen worden dus (na de vertraging die hoort bij juridische procedures) alsnog gebouwd en zo begint de EV-rijder zo langzamerhand te merken dat er enige keus aan de snelweg begint te komen voor wie wil snelladen. Maar voorlopig hebben veel uitbaters van verzorgingsplaatsen door de dreiging van juridische procedures de met veel enthousiasme voorbereide plannen voor snellaadpalen in de ijskast gezet.

Door het gure juridische klimaat vordert de realisatie van snellaadpalen aan de snelweg dus veel langzamer dan zou kunnen, en dat is in totale tegenspraak met de beleidsambities, neergelegd in de nationale agenda laadinfrastructuur. Het helpt ook niet om te komen tot de raming die TNO maakte voor het aantal benodigde snelladers aan de snelwegen: 2.900 in 2030. En dat is een ondergrens, want TNO maakte deze raming op basis van veel traagladen in de wijk. Dat de rol van snelladers ook groter kan zijn, maakte Berenschot in deze studie inzichtelijk.

Hoe kon het gebeuren dat de aanleg van snellaadinfrastructuur aan de snelweg een juridisch steekspel werd? De oorzaak is inconsistente toewijzing van rechten op de verzorgingsplaats. De normale gang van zaken is dat het Rijksvastgoedbedrijf verzorgingsplaatsen veilt en 15 jaar verhuurt. Na deze 15 jaar wordt het recht om het station de komende 15 jaar te exploiteren opnieuw geveild. Die veiling vindt één keer per jaar plaats. Simpel en transparant.

De vergunning van Fastned om kleine, onbemande laadstations bij een tankstation aan de snelweg in te richten, kwam anders tot stand. De overheid hield een inschrijving op laadpalen in de kerstvakantie van 2011 en begin 2012 had Fastned deze zo goed als allemaal in handen. Goed opgelet door deze onderneming. Fastned moest volgens de vergunning binnen 3 jaar al deze onbemande laadstations realiseren. Dus in 2015 had Fastned volgens de vergunning meer dan 200 laadstations moeten hebben gerealiseerd; dat betekent bij zo goed als alle verzorgingsplaatsen. Het zijn er circa 80 nu in 2020. Ook kreeg Fastned startersfaciliteiten: de eerste 3 jaar geen huur en daarna een zeer lage huur. Aan de andere kant moet Fastned na 15 jaar het snellaadstation weer afbreken en het terrein leeg opleveren.

Aan alle juridische procedures te zien, veronderstelt Fastned sindsdien kennelijk een monopolie op laden aan de snelweg vergund te hebben gekregen, in plaats van een kleine onbemande postzegel op de verzorgingsplaats met een heel lage huur. De huurder van verzorgingsplaats heeft echter het recht gekocht om de automobilist te faciliteren, met alles wat deze onderweg nodig heeft. En die automobilist vraagt ook om laadpalen. Elektrisch rijden is de toekomst van personenauto’s en de huurder op een tankstation wil mee in de ontwikkeling van de toekomst. Waar heeft hij anders in een veiling een duurbetaald recht om een locatie te huren voor betaald?

Maar Fastned stelt dat de verkoop van elektriciteit voor auto’s iets heel anders is dan de verkoop van motorbrandstoffen voor auto’s. Dat moet gescheiden worden. Het is alsof je een telefoonverkoper verbiedt om iPhones te verkopen omdat hij eerder Nokia’s verkocht. Of een lampenverkoper verbiedt LED aan te bieden, omdat hij eerder halogeenspotjes verkocht. Natuurlijk gaat een ondernemer mee met de technologische ontwikkelingen in zijn markt. De enige reden dat laadpalen niet mee werden geveild met de verkoop van andere energiedragers, is dat het juridische kader voor de veiling werd gemaakt in de periode 2000-2005. In die periode was elektrisch vervoer geen onderwerp en daarom is er indertijd niets voor in de wet geregeld.

De overheid heeft de vergunning van Fastned wel zo ingericht dat deze schizofrene situatie eindig zou moeten zijn: Fastned moet na 15 jaar de terreinen weer leeg opleveren. Aangezien ze in 2012 drie jaar hadden gekregen om de laadinfrastructuur te realiseren, is mijn veronderstelling dat vanaf 2015 voor alle verstrekte vergunningen de looptijd van 15 jaar is ingegaan en dat oplevering van die terreinen dus uiterlijk zal plaatsvinden in 2030. Daarna kan de transparante structuur van het veilingmodel voor alle vormen van energie voor vervoer op de verzorgingsplaatsen weer worden hersteld.

Maar dat is aan de late kant: Juist in de periode naar 2030 zal op de verzorgingsplaats een heel zorgvuldige overgang van een aanbod van motorbrandstoffen naar laden, waterstof en bio-LNG moeten worden gerealiseerd. Dat is al complex voor een onderneming zonder dat de realisatieplannen voortdurend voor de rechter worden betwist. Het zou beter zijn om zo snel mogelijk in het bidbook van de veilingen te specificeren dat de huurder laden mag aanbieden. Ook moet de veilingwet worden aangepast aan de technologische ontwikkelingen.

Zolang laden in de wet en het bidbook niet duidelijker wordt opgenomen als deel van het geveilde perceel, gaan deze juridische twisten door. Dit gaat ten eerste en vooral ten koste van de elektrische rijder en de energietransitie. En dat kan nooit de bedoeling geweest zijn toen de overheid in 2011 bedacht dat ze een start met snellaadinfrastructuur kon maken door een kleine aanbieder van onbemande laadstations een gratis plekje aan de snelweg te geven.

×Close search
Zoeken