Tankstations

Langs de Nederlandse snelwegen liggen vele tientallen verzorgingsplaatsen met vaak bijzondere namen. Meestal rijden we er gedachteloos aan voorbij, zonder te weten dat er achter veel van die namen een interessante geschiedenis schuilgaat. In deze reeks staat steeds de geschiedenis van één zo’n naam centraal.

De woorden eersteling en tweedeling vormen een bijzonder koppel. Je zou kunnen denken dat na de eersteling (de eerstgeborene) de tweedeling komt – en misschien ook nog wel een derdeling – maar dan sta je mooi op je verkeerde been. Dat tweede woord heeft namelijk een heel andere betekenis en de klemtoon ligt ook anders: twee-déling, verdeling in tweeën. Ik moet daar weleens aan denken als ik vanuit Rotterdam over de A16 naar het zuiden rijd en bij Hendrik-Ido-Ambacht langs verzorgingsplaats Sandelingen kom. In gedachten spreek ik die naam dan een paar keer uit met de klemtonen van eersteling en tweedeling: Sándelingen en Sandélingen. En dan vraag ik me dus af waar de naam eigenlijk vandaan komt.

Voor de geschiedenis van de naam gaan we helemaal terug naar de eerste helft van de veertiende eeuw. Bij de Stormvloed van 1322 kwamen grote delen van Nederland onder water te staan, waaronder ook de Zwijndrechtse Waard – een laaggelegen stuk in het rivierenland. Graaf Willem III van Holland bepaalde dat het gebied opnieuw bedijkt moest worden, maar riep daarvoor de hulp in van een aantal edellieden. In ruil voor hun investering benoemde hij ze tot ambachtsheer van een deel van het gebied. En dat was flink wat waard, want daarmee kregen ze het recht om te besturen, recht te spreken en heffingen op te leggen zoals pachtgelden en jachtrechten. Op deze manier werd de waard opgedeeld in meerdere ambachtsheerlijkheden.

Een van de investeerders was Willem van Duyvenvoorde. Hij kreeg een perceel toegewezen dat die Zandtdelinghe heette. Het is onbekend hoe dat perceel precies aan die naam kwam, maar het verwijst waarschijnlijk naar een zanderig gedeelte in de waard, waarvan de bodem vooral uit rivierklei bestaat. De ambachtsheerlijkheid die daarbij ontstond, heeft in de loop der tijd onder verschillende ambachtsheren verschillende namen gedragen, maar ging uiteindelijk Sandelingen-Ambacht heten. Twee andere investeerders waren Hendrik Ydo en zijn broer Schiltman Wittens; hun gebied kreeg de naam Hendrik-Ido-Schildmanskinderen-Ambacht.

De ambachtsheerlijkheid Sandelingen-Ambacht heeft eeuwenlang zelfstandig bestaan. Na de Bataafse Revolutie werden in 1795 de heerlijkheden afgeschaft, waardoor de ambachtsheren hun rechtsmacht verloren. In 1817 werd Sandelingen-Ambacht een zelfstandige gemeente, en in 1855 ging deze op in de gemeente Hendrik-Ido-Ambacht. (Er wordt weleens gezegd dat de volledige naam van die nieuwe gemeente ooit Hendrik-Ido-Oostendam-Schildmanskinderen-Groot-en-Klein-Sandelingen-Ambacht heeft geluid, wat dan de langste plaatsnaam van Europa zou zijn geweest. Die lange naam heeft echter niet bestaan en is ook nooit in officiële stukken teruggevonden.)

In de gemeente Hendrik-Ido-Ambacht is nu een buurt die De Sandeling heet. De oude naam leeft daarnaast voort in de polder Sandelingen-Ambacht die een deel vormt van de Zwijndrechtse Waard, en in de polder ligt een recreatiegebied met dezelfde naam. In Rotterdam, Ridderkerk, Zwijndrecht en Hendrik-Ido-Ambacht zijn ook straten naar Sandelingen genoemd. En er zijn dus twee verzorgingsplaatsen: Sandelingen-West en Sandelingen-Oost. Ze liggen tegenover elkaar aan de A16, met een loopbrug ertussen, in de zuidpunt van het perceel dat ooit die Zandtdelinghe heette. Dat hadden de mensen die dat 700 jaar geleden zo noemden toch ook niet kunnen bedenken.

Tekst en fotografie: René Dings
https://www.dinx.nl
https://twitter.com/rndngs

Meer weten? Neem contact op.

VNPI Nieuwsbrief

Blijf op de hoogte
van de ontwikkelingen

Meld je aan voor onze nieuwsbrief