skip to Main Content

Column Erik Klooster, directeur VNPI: Tafelen

Na een rustige periode van reflectie na het sluiten van het regeerakkoord, kunnen we denk ik wel stellen dat de vaart er met het Klimaatakkoord goed in zit. De sectortafels zijn gestart en met veel enthousiasme wordt er op verschillende plekken nagedacht over hoe zoveel mogelijk tonnen CO₂ te reduceren. Dat het proces tot aan het einde van Haagse zomer gaat lopen – Prinsjesdag – lijkt me geen al te voorbarige voorspelling. Wat ik momenteel lastiger vind te voorspellen, is wat de contouren worden van het ‘akkoord op hoofdlijnen’. Ik ben zeker niet de enige, want tot op heden ben ik nog niemand tegengekomen die zich waagt aan een concrete voorspelling – laat staan dat er weddenschappen worden afgesloten voor een flesje wijn.

Ik mag zelf aanschuiven bij de industrietafel en heb recent ook nog de uitnodiging voor de mobiliteitstafel ontvangen. Dat laatste lijkt mij, gegeven de positie van onze industrie, heel logisch. De transitie zal voor een groot gedeelte plaatsvinden via ons netwerk en daarom verbaast het niet dat we al verschillende initiatieven op dit vlak zien. Een van de mooie voorbeelden is Finco, kersvers lid van de VNPI, dat in onze nieuwsbrief vertelt over de mogelijkheden van hun nieuwe brandstof. Ook Hélène Hol, adjunct-directeur marketing van de VNPI, geeft in dit stuk mooi weer dat er voor mobiliteit niet één oplossing is, maar dat er naar meerdere oplossingen moet worden gekeken.

Ook aan de industriekant zijn we actief. Aan verschillende tafels draaien mensen vanuit de raffinage mee en ook dat is gegeven onze positie ook terecht. Tegelijkertijd werken we vanuit de VNPI hard aan onze eigen roadmap-studie. De resultaten van deze eerder aangekondigde DNV-studie naar de mogelijkheden van de Nederlandse raffinagesector om te decarboniseren zullen we voor de zomer bekend maken. U hoort nog van ons.

Afgelopen maandag vond in een bomvolle Glazen Zaal in Den Haag het Industriedebat plaats. Door de industrie georganiseerd, met inspirerende voorbeelden over wat er mogelijk is om de energietransitie mogelijk te maken binnen de industrie. Wat mij betreft een zeer geslaagde bijeenkomst, waarbij één conclusie gerechtvaardigd is: als het ergens kan, dan is het in Nederland. De andere kant van argument, gaat volgens mij ook op: Als we er hier niet in slagen, waar gaat dat dan wel gebeuren? Ik was ook blij dat John Cooper van FuelsEurope als relatieve buitenstaander aangaf dat het benodigde kapitaal voor deze enorme operatie wel moet worden aangetrokken. Als we daar namelijk niet in slagen, dan zal het kapitaal elders heentrekken. Niet een argument dat iedereen graag hoort, maar zo is het natuurlijk wel. Overigens was de mooiste quote van het debat van Marjolein Demmers van Natuur & Milieu: ‘We moeten van wereldkampioen in het denken, wereldkampioen in het doen worden.’ Daar breken we ons momenteel met zijn allen heel hard het hoofd over. Ook Erik van Beek, die nieuwe voorzitter van de VNPI, gaat daarop in.

Ik ben naar mijn aard een ‘glas is halfvol’-persoon en zie eerder kansen dan bedreigingen. Over de mogelijke uitkomsten van een Klimaatakkoord ben ik optimistisch gestemd. Nederland is buitengewoon goed gepositioneerd om verschillende technieken, die nodig zijn om de doelen van Parijs te halen, verder te ontwikkelen. De Nederlandse raffinage kan daar bij uitstek een rol bij vervullen. Veel van de technieken die nodig zijn voor 2030, en helemaal voor 2050, zijn nog niet marktrijp en hebben een bepaalde vorm van stimulering nodig. We weten wat er moet gebeuren. Maar de vertaalslag naar hoe dit in de praktijk van alle dag leidt tot concrete investeringsbeslissingen – hetzij in de industrie, hetzij in de mobiliteit – moet nog wel gemaakt worden. Ik heb er alle vertrouwen dat we op een dergelijk pad uitkomen en dat we weg zullen blijven van discussies waarbij de ene techniek boven de andere techniek wordt gesteld. Zie ik nou toch de contouren van een akkoord voor me?

Tegelijk moeten we waken dat we – hoe begrijpelijk ook – niet alleen maar aandacht hebben voor de klimaatdiscussie. Ik ben dan ook heel blij dat Anton van Beek, vanuit zijn rol als voorzitter van Veiligheid Voorop, zijn visie geeft op het programma Duurzame Veiligheid 2030. Want zonder duurzame veiligheid kunnen we de duurzaamheid ook wel vergeten.

×Close search
Zoeken